Skip to content

Macbeth (Spot)

Act V. Scene i. Dunsinane. A Room in the Castle.

Enter a Doctor of Physic and a Waiting-Gentlewoman

[…]

Doctor
What is it she does now? Look, how she rubs her hands.

Gentlewoman
It is an accustomed action with her, to seem thus washing her hands. I have known her to continue in this a quarter of an hour.

Lady Macbeth
Yet here’s a spot.

Doctor
Hark! she speaks. I will set down what comes from her, to satisfy my remembrance the more strongly.

Lady Macbeth
Out, damned spot! out, I say! One; two: why, then, ’tis time to do ’t. Hell is murky! Fie, my lord, fie! a soldier, and afeard? What need we fear who knows it, when none can call our power to account? Yet who would have thought the old man to have had so much blood in him?

Doctor
Do you mark that?

Lady Macbeth
The Thane of Fife had a wife: where is she now? What! will these hands ne’er be clean? No more o’ that, my lord, no more o’ that: you mar all with this starting.

Doctor
Go to, go to; you have known what you should not.

Gentlewoman
She has spoke what she should not, I am sure of that: Heaven knows what she has known.

Lady Macbeth
Here’s the smell of the blood still: all the perfumes of Arabia will not sweeten this little hand. Oh! oh! oh!

Doctor
What a sigh is there! The heart is sorely charged.

Gentlewoman
I would not have such a heart in my bosom for the dignity of the whole body

Doctor
Well, well, well.

Gentlewoman
Pray God it be, sir.

[…]

* * *

Dokter:
Wat doet ze nu? Kijk eens hoe ze haar handen wringt.

Hofdame:
Dat doet ze heel vaak, het lijkt alsof ze haar handen wast. Ik heb wel eens gezien dat ze dit 15 minuten lang volhoudt.

Lady Macbeth:
Toch zit hier een vlekje.

Dokter:
Hoor ‘ns, ze spreekt. Ik ga opschrijven wat zodat ik beter kan onthouden wat ze zegt.

Lady Macbeth:
Weg, zeg ik, vervloekte vlek. Een; twee; nu moet het gebeuren. Hel is duisternis. Schaam je, mijn heer, een soldaat die bang is? Wij hoeven niet bang te zijn voor wie het weet want niemand kan onze macht in twijfel trekken. Wie had toch gedacht dat er zoveel bloed in die ouwe zat.

Dokter:
Hoor nu wat ze zegt?

Lady Macbeth:
Macduff was getrouwd, waar is zijn vrouw nu? Wat! Worden die handen nu nooit schoon? Hou daar mee op, mijn heer, hou op. Je verpest alles met je getreuzel.

Dokter:
Ga weg, ga. Dit had u niet mogen horen.

Hofdame:
Ze heeft al teveel gezegd, dat weet ik zeker. God weet waar zij getuige van is geweest.

Lady Macbeth:
Het ruikt hier nog steeds naar bloed: geen enkele oosterse geur kan deze kleine hand verschonen.

Dokter:
Wat zucht ze toch! Het gemoed is zwaar.

Hofdame:
In geen duizend jaar zou ik met haar willen ruilen.

Dokter:
Wel, wel, wel.

Hofdame:
Dat zou mooi zijn.

Alan, Antoinette, Philippa, Wendie, Brigid

[Back to Durham 2008 Workshop page]

Advertisements